Camerageil

Altijd als ik een camera zie, denk ik dat ze voor mij komen. Het is een afwijking waar nog geen therapie voor gevonden is. Afgelopen woensdag was het weer zover. Omdat er de avond ervoor een felle uitslaande brand was, liepen er verschillende cameraploegen rond in het oude centrum van Delft. De mevrouw met de SBS6 microfoon in haar hand leunt wat tegen de pui van de Gall & Gall. Haar cameraman is bezig zijn spullen in de bolderkar te laden. Ik kijk de journaliste vragend aan. Ze lacht vriendelijk, maar laat haar microfoon onberoerd. Ik ben duidelijk te laat. Ze heeft genoeg materiaal voor haar item in Hart van Nederland. “Doe effe normaal man”, spreek ik mijzelf streng toe. “Eén van de winkels waar jij verantwoordelijk voor bent kan voorlopig niet meer open, omdat er schuin boven een woning in brand heeft gestaan en jij vindt het jammer dat SBS6 al klaar is?” Met een paar collega’s kijken we van achter het hek naar onze winkel. Er is een ruit ingeslagen door de brandweer en er druipt nog steeds water langs de ramen naar beneden. De brandweer heeft geen half werk geleverd. Het is een triest gezicht. En dan gaat het toch weer mis. Ik zie een plopkap van TV West. Er is oogcontact. “Dat is onze winkel”, zeg ik tegen de charmante dame met de microfoon. Ze komt meteen in actie en duwt de microfoon onder mijn neus. De cameraman weet wat hem te doen staat. Ik moet er even inkomen, maar uiteindelijk pers ik er toch een verdomd goed verhaal uit. Iets met empathie voor al die mensen uit de getroffen appartementen en de omzet die wij gaan missen, zo aan het begin van het toeristenseizoen. Ik weet er zelfs nog even de naam van ons bedrijf doorheen te fietsen. En dan begint het wachten. In de loop van de middag komt het verlossende appje. “Je bent op televisie.” De redactie van het NOS journaal, afdeling regionieuws, heeft het opgepikt. Ze hebben wel wat geknipt. 15 Seconden vonden ze meer dan genoeg. Ik kan nog steeds ongestoord over straat.